Jou of jouw woorden? Wat is juist?
Het is "jouw woorden", niet "jou woorden".
"woorden" is een zelfstandig naamwoord. Vóór een zelfstandig naamwoord gebruik je het bezittelijk voornaamwoord "jouw": het gaat om iets wat van jou is of bij jou hoort. Test: "mijn woorden" klopt, "mij woorden" niet. Dus het is "jouw woorden". Het lidwoord valt daarbij weg: "de woorden" wordt "jouw woorden".
Ezelsbruggetje: vervang jou/jouw door mij/mijn. Past "mijn", dan is het jouw. Past "mij", dan is het jou. Zo werkt het
Voorbeeldzinnen
- Vertel het in jouw eigen woorden.
- Jouw woorden raakten me.
- Ik onthoud jouw woorden.
Jou of jouw woorden? Wat is juist?
Het juiste antwoord is: jouw woorden. De vorm jou woorden is fout.
Wat zijn woorden?
Woorden zijn de klanken en tekens die je gebruikt om iets te zeggen of te schrijven. Het is een zelfstandig naamwoord met het lidwoord de: de woorden.
Waarom "jouw" en niet "jou"?
Vóór een zelfstandig naamwoord gebruik je het bezittelijk voornaamwoord jouw. Dat lidwoord valt dan weg: de woorden wordt jouw woorden. Je kunt dit eenvoudig testen: vervang jouw door mijn. Klopt de zin dan nog? Dan is jouw goed.
- Mijn woorden → klopt ✓, dus ook jouw woorden ✓
- Mij woorden → klopt niet ✗, dus jou woorden ✗
Jou gebruik je alleen als voorwerpsvorm, bijvoorbeeld na een voorzetsel of als lijdend voorwerp: Ik luister naar jou. Maar zodra er een zelfstandig naamwoord achter staat, kies je altijd voor jouw.
Voorbeeldzinnen
- Ik vond jouw woorden heel moedig.
- Schrijf het op in jouw woorden, niet die van iemand anders.
Twijfel je voortaan? Doe de mijn-test en je weet het meteen zeker.