Jou of jouw naam? Wat is juist?
Het is "jouw naam", niet "jou naam".
"naam" is een zelfstandig naamwoord. Vóór een zelfstandig naamwoord gebruik je het bezittelijk voornaamwoord "jouw": het gaat om iets wat van jou is of bij jou hoort. Test: "mijn naam" klopt, "mij naam" niet. Dus het is "jouw naam". Het lidwoord valt daarbij weg: "de naam" wordt "jouw naam".
Ezelsbruggetje: vervang jou/jouw door mij/mijn. Past "mijn", dan is het jouw. Past "mij", dan is het jou. Zo werkt het
Voorbeeldzinnen
- Wat is jouw naam?
- Ik heb jouw naam op de lijst gezet.
- Schrijf jouw naam bovenaan het formulier.
Jou of jouw naam? Het juiste antwoord
Het juiste antwoord is: jouw naam. De vorm jou naam is fout.
Wat betekent "naam"?
Een naam is het woord waarmee je iemand of iets aanduidt. Naam is een zelfstandig naamwoord met lidwoord de: de naam. Wanneer je aangeeft dat iets van jou is, valt dat lidwoord weg en gebruik je jouw: de naam → jouw naam.
De regel: jouw of jou?
Gebruik de volgende test om te kiezen tussen jou en jouw:
- Jouw is een bezittelijk voornaamwoord en staat altijd vóór een zelfstandig naamwoord. Test: past er mijn? Dan schrijf je jouw. → mijn naam klopt, dus: jouw naam.
- Jou gebruik je na een voorzetsel of als lijdend of meewerkend voorwerp. Test: past er mij? Dan schrijf je jou. → mij naam klopt niet, dus jou naam is fout.
Voorbeeldzinnen
- De leraar heeft jouw naam hardop voorgelezen.
- Staat er een fout in jouw naam op het paspoort?
Twijfel je over op jou naam of op jouw naam? Ook daar geldt: het gaat om iets wat van jou is, dus het is altijd op jouw naam.
Ook gevraagd
Op jouw naam of op jou naam?
Het is "jouw naam", niet "jou naam".